In Megalopolis, a new series of sculptures by Pim Palsgraaf, his urban growths are no longer stacked on stuffed animals but resemble parasitic, architectural moulds.
In his work Pim Palsgraaf (Gouda, 1979) depicts the constant struggle between dream and reality, man and nature, and organic and static, between falling and rising, the conquest and loss of terrain.
Man and nature are entangled in a power struggle. Nature momentarily seems the most vulnerable, although it does not surrender easily. With its hedonistic creativity, mankind creates unique patterns of urbanisation, detrimental to sites where humans once coexisted harmoniously with nature.
It is not only mankind’s creativity that is visible in Palsgraaf’s works, but also the consequences when icons of mankind’s creative power fall into oblivion. Here nature gains ground, like an undercurrent. The industrial landscape is re-colonised by nature.
Palsgraaf’s work also refers to the dynamics within contemporary society. Many people are working on solutions for social inequality, deforestation and dwindling resources. Will mankind win the struggle to fulfil its evolutionary needs? And who is actually fighting against whom?
In the global village, where everyone is connected by networks, social movements rapidly gain ground on large institutions. For large institutions these movements are like favelas. To control the situation, governments remove the unstructured urban growth with precision. But the slums grow as quickly as the bulldozers clear them. Companies attempt to protect their patents, yet citizens copy and distribute them with great ease and speed.
Who is right; what is the truth? And if those in power have no grip on the powerless, does that not transform the powerless into the mightiest rulers?
Pim Palsgraaf (1979, Gouda) verbeeldt in zijn werk een constante machtsstrijd tussen droom en werkelijkheid, tussen mens en natuur, tussen het organisch groeiende en het opgelegde rechtomlijnde, tussen vallen en weer opstaan, het veroveren en het verliezen van terrein.
Mens en natuur zijn in een machtstrijd verwikkeld. De natuur is momenteel de meest kwetsbare maar geeft zich daarbij niet zomaar gewonnen. De mens creëert schijnbaar unieke patronen door urbanisatie en de wil om de wereld te onderwerpen aan de eigen hedonistisch scheppende hand. Maar zijn ook die patronen niet repeterende vormen afkomstig uit de natuur en worden wij mensen niet eigenlijk door de natuur om de tuin geleid?
Niet alleen de scheppende hand van de mens is zichtbaar, maar ook de gevolgen als iconen van de scheppende kracht van de mens in vergetelheid raken. Daar pakt de natuur terrein, als zijnde een ondergrondse beweging. Fabrieken uit industriële periode worden weer ingepalmd door de natuur.
Palsgraaf's werk gaat ook over onmacht. De onmacht van de natuur in het huidige tijdgewricht zoals hierboven beschreven, maar ook de onmacht van bewegingen binnen de samenleving in deze tijd. Velen willen de destructieve kracht die de mens in zich heeft beperken, door tegen sociaal onrecht of onrecht jegens de natuur in opstand te komen. Maar hun acties lijken nog niet eens druppels op een gloeiende plaat. Is de mens hierin te zwak voor zijn eigen evolutionaire behoeften of beperkt de macht van enkelen de wens van velen? En zijn de machten hierin aan het verschuiven?
Grote instituten zijn oppermachtig, maar in de global village waarin iedereen verbonden is in netwerken, winnen sociale bewegingen snel terrein. Voor de grote instituten zijn deze bewegingen als favela's. Om grip te krijgen verwijderen overheden de ongestructureerde stedelijke groei met precisie. Maar waar bulldozers aan de ene kant krotten wegruimen, bouwen de bewoners deze aan de andere kant net zo hard weer aan. Waar aan de ene kant grote bedrijven proberen patenten te beschermen kopiëren burgers deze aan de andere kant met gemak.
Wie heeft gelijk, wat is de waarheid? En als de machtbezitters geen grip hebben op de machtelozen, maakt dat de machtelozen eigenlijk niet tot de grootste machthebbers?
In Megalopolis is van Pim Palsgraaf een nieuwe serie sculpturen te zien, waarbij zijn stedelijke woekeringen niet langer op opgezette dieren zijn gestapeld, meer eerder ogen als op zichzelf staande, gestaag groeiende, paras